• Leeftijdsgevoelige klasse: vanaf 1 week na spenen tot 4 weken na spenen.
• Plotse sterfte tot 80% na spenen.
• Gezwollen buik vlak voor de dood samengaand met een sterk verminderde
voederopname
• Uitwendig zichtbare diarree wordt dikwijls vastgesteld maar niet altijd
2.Symptomen zichtbaar bij autopsie.
• Sterk gezwollen maag gevuld met een waterige inhoud
• Opgezette dunne darm met waterige en/of gasvormige inhoud
• Abnormale blinde darminhoud. vaak waterig, soms sterk ingedroogd en
verhard
• Abnormale dunne en dikke darminhoud, vaak gevuld met een gelatineus
slijm
• Organen zoals de lever, longen, nieren en milt vertonen geen zichtbare
aantasting
Heel wat onderzoekswerk is er op gericht om de besmettingswegen te achterhalen om zo door hygiënemaatregelen de insleep van de ziekte in de stal te kunnen voorkomen.
Volgende elementen spelen een zeer belangrijke rol:
1. rechtstreeks contact tussen dieren
2. contact met besmette kooien, voederbakken, nestbakken, zelfs indien zorgvuldig
gereinigd maar niet ontsmet!
3. contact met mest van besmette dieren
4. opname van voeder uit voederbakken van besmette dieren Tijdens de besmettingsproeven
stelde men vast dat de sterfte van de dieren na besmetting evenredig verloopt
met de algemene infectiedruk in de stal. Dit wil zeggen dat naarmate er meer
ziektekiemen in de konijnenstapel aanwezig zijn, er zich een hogere uitval voordoet.
CONCLUSIE:
Het komt er op aan de algemene infectiedruk zo laag mogelijk te houden. Dit
kan men bewerkstelligen op twee manieren:
· zorgvuldig reinigingen en ontsmetten van kooien, voederbakken, drinkwatervoorzieningen.
.
· bij uitbraak gebruik van specifieke antibiotica, die de aanwezige ziektekiemen
kunnen onderdrukken. Raadpleeg hiervoor uw dierenarts.
Probeer niet om het even welk medicijn uit op uw dieren. Raadpleeg indien nodig
een dierenarts.
Ziekten kunnen overgedragen worden tijdens tentoonstellingen Hou bij terugkeer
de tentoongestelde dieren gedurende drie weken in afzondering!